dinsdag 9 juni 2026

In Erasmus hospital last week...
DANKBAARHEID UIT MIJN HART
Whatever happens in your life, no matter how troubling things might seem, do not enter the neighborhood of despair. Even when all doors remain closed, God will open up a new path only for you. Be thankful!’ 
- Elif Shafak


Dit wordt volgens mij een heel zoet stukje om te lezen. Misschien niet veel diepgang maar wel met veel zoetsappige feitjes uit het leven van twee bijna zestigers. Mijn lief en ik staan op het punt om bijna drie maanden uit elkaar te gaan. We zullen ieder aan de andere kant van de aardbol leven. In een heel andere tijd. In een heel andere cultuur. We zijn nog nooit zo ver en zo lang uit elkaar geweest. Mijn lief stapt in zijn nieuwe werkende leven in Japan. Ik blijf nog een paar zomermaanden achter bij onze kinderen en dieren. Met aandacht voor mijn herstel en ziekenhuiscontroles. In ons fijne huis met tuin waar ik zo van houd. Een karakteristiek huis waar we al bijna een kwart eeuw wonen. Volgend jaar zijn wij tweetjes veertig jaar een paar. Langzaam getransformeerd van twee verliefde pubers van achttien jaar oud naar twee bijna zestigers met een heel leven achter zich. Vader en moeder van drie prachtige dochters. Ik ken hem. Hij kent mij op z’n duimpje. Als geen ander ken ik hem. Ik ben de enige voor wiens ogen niets is verborgen. Hij is er als er geluk door me heen stroomt en ook als ik geroerd, met tranen in m’n ogen, kijk naar de prachtige natuur die me onverwacht raakt. Hij is er ook als ik naar beneden tuimel en verdrietig ben. Ik ben er ook voor hem als hij radeloos is, als alles zwaar wordt. Wij zijn al een leven lang samen. Net als in ieders leven hebben ook wij onze hoogte- en dieptepunten meegemaakt. Gebeukt en gebutst raken door het leven, het hoort erbij. Teleurstellingen in ons rugzakje samengepropt bij opgelopen trauma’s. Vaak rijden wij als twee treinwagonnetjes op één spoor en soms even op twee verschillende sporen om ons daarna weer bij elkaar te voegen op één spoortje. Wij kunnen moeilijke beslissingen heel goed samen nemen. Niet bang samen het avontuur aan te gaan. We kunnen op elkaar bouwen. Volgende week vertrekt mijn lief met het vliegtuig naar Japan waar hij zal starten met zijn nieuwe baan, de sleutel aannemen van ons nummer één keuze appartement (die zonder tatami kamer) en aankopen doen voor ons nieuwe thuis daar. Een keerpunt in ons leven. Onze twee jongste kinderen zijn zelfstandige twintigers en gaan niet mee naar het land van de rijzende zon. De oudste woont al drie jaar in Azië. De carrière van mijn lief zal ons de komende drie jaar leiden naar nieuwe ervaringen die ons helpen groeien. Zoals onze eerdere vier internationale verhuizingen voor zijn bedrijf dat ook hebben gedaan. Dankbare kosmopolieten zijn wij, met drie kosmopolieten-kindertjes.


De verdoving is inmiddels uitgewerkt en iedereen gaat gewoon naar zijn werk, sporten, boodschappen doen of met vriendinnen op stap. Ik heb de eerste dagen na de operatie veel geslapen overdag. Geprobeerd de hevige brandpijn te onderdrukken met pijnstilling. Het is nog steeds een kriem om iets te eten. Niks knapperigs, niks met citrusvruchten, niks met tomaat of spinazie en niks dat zout, zoet of gekruid is. Eigenlijk blijft alleen kamille- en saliethee, havermoutpap en zachte, gezeefde soepjes over. Toch kan ik me ondanks de pijn ook senang voelen in deze rust. Ik slaap langer uit. Ik relax in bed met tijdschriften terwijl de regen hard tegen het zolderraam tikt. Ik douche pas tegen het eind van de ochtend.  Een lege agenda, een lege dag voor me. Mijn lief werkt een verdieping onder mij met zijn nieuwe Japanse collega’s, online. Elke ochtend als ik beneden kom open ik de keukendeur naar de tuin. Ik neem deze dagen uitgebreid de tijd. Kijk eerst even rustig naar buiten. Ik geniet van de buitengewoon groene tuin met bloeiende lichtroze pioenrozen. Ik zet de openslaande deuren op een kier. Het regent af en toe buiten. Binnen is de temperatuur heerlijk. Ik bekijk alle tuinplanten, de rode roos van mijn moeder in volle bloei, de salie waarvan de bloemen lila beginnen te kleuren. In de kas ben ik elke dag blij als ik het piepkleine groene spruitje in de mangopit zie groeien. De tomatenplanten kunnen bijna vastgebonden worden aan de klimrekken. De blauwe bessen zijn bijna rijp. De avocadoplant die het zwaar had afgelopen winter is helemaal bijgekomen in de warmte van vorige weken. Ik laat dankbaarheid uit mijn hart stromen wanneer ik ze allemaal water geef. Ik kan vanwege mijn langzame herstel leven alsof de wereld een geschenk is en ik de dankbare ontvanger ben van dat geschenk.